zaterdag, 29 september 2018 22:26

De nieuwe LiSB Bondscompetitie: vragen en antwoorden

Geschreven door

De LiSB Bondscompetitie 2018-2019 voor clubteams komt eraan. Op zondag 14 oktober is de 1e ronde. Maar er zijn nog best wel wat vragen. Hier geven we de antwoorden.

Competitieleider Ynze Mengerink van de LiSB heeft gemerkt dat er voor aanvang van de LiSB Bondscompetitie 2018-2019 voor clubteams nog de nodige vragen leven. Hij heeft deze op een rijtje gezet en van antwoorden voorzien. Zie hier onder. 

 

Vraag: Is er voor de nieuwe competitie ook een nieuw reglement van toepassing?

Antwoord: Ja. De inhoud van dit reglement is te vinden op de website, klik hier

Deze reglementen zijn vorig seizoen in een werkgroep opgesteld, in de ALV van maart dit jaar met alle aanwezige bestuursleden besproken en in de afgelopen ALV van september officieel goedgekeurd.

 

Vraag: het is nogal verwarrend dat de nummering van teams in de KNSB en LiSB niet meer doorlopen. Nu heeft onze vereniging twee keer een nummer 1 team. Venlo 1 speelt nu in de KNSB en Venlo 1 speelt ook in de LiSB.

Antwoord: Bijna alle verenigingen die KNSB spelen hebben dit commentaar gegeven. Toch is er voor gekozen dit niet te veranderen. Aangezien de competities volledig van elkaar zijn losgekoppeld, zou het doornummeren de indruk geven dat dit niet het geval is. Daarbij geldt ook dat als bv Venlo een team wil inschrijven voor de KNSB KO, de LiSB KO of de LiSB rapid competitie, ook gewoon Venlo 1 heten, daar wordt ook niet doorgenummerd. Ik denk dat hoewel dit in eerste instantie wat onduidelijkheid kan geven binnen een vereniging, het de beste optie is om de nummering van de teams tussen de LiSB en KNSB geheel los te koppelen!

 

Vraag : Artikel 16.2: een speler mag slechts spelen voor een en dezelfde vereniging. Mag een speler die bv speelt bij Zuid Limburg KNSB (3e-4e-5e team) ook in de hoofdklasse als vaste speler of als invaller voor De Juiste -Z- spelen?

Antwoord: Ja. Als deze speler in de KNSB voor Zuid Limburg speelt, mag hij gewoon voor de LiSB  bij De Juiste -Z- spelen (als invaller of als vaste speler, dat is aan de vereniging zelf).

 

Vraag: Mogen spelers die in een team in de 4e klasse KNSB spelen ook opgegeven worden voor LiSB-teams? Zo niet, mogen ze dan wel invallen in de LiSB? (met inachtneming van artikel 16.1 en 16.3)

Ja, als iemand voor Maastricht in de 4e klasse KNSB speelt, mag hij/zij ook gewoon als vaste speler of als invaller functioneren in de LISB (voor Maastricht, maar hij/zij mag ook voor een andere vereniging spelen). Wel mag je maar voor één vereniging in de LiSB spelen, dus in het bovenstaande voorbeeld of voor Maastricht, of voor een andere vereniging

 

Vraag: Wat zegt artikel 16.2 en 17c in relatie tot een team in de 4e klasse KNSB? Daar zijn 9 rondes en in de LiSB 7 maar die hebben toch niets meer qua reglementen met elkaar te maken?

De 9 ronden KNSB en 7 ronden LiSB staan helemaal los van elkaar. Art 16.2 zegt dat je maar voor een vereniging mag uitkomen in de LiSB bondscompetitie. Dus speelt iemand voor een bepaalde vereniging (bv Blerick) in de LiSB bondscompetitie, dan mag hij/zij dat seizoen niet voor een andere vereniging uitkomen in de LiSB bondscompetitie. Je mag natuurlijk wel in andere competities (zoals bv de rapid of de KO beker) voor een andere LiSB vereniging (bv Voerendaal) spelen.

Art 17.c zegt alleen dat als iemand bv in ronde 2 voor DJC-1 heeft gespeeld, hij diezelfde ronde niet ook voor DJC 2 mag spelen. Dat klinkt natuurlijk vreemd, omdat het technisch niet lijkt te kunnen, maar iemand mag bv niet in ronde 2 voor DJC 1 een partij vooruit spelen en dan in ronde 1 ook voor DJC 2 uitkomen. Of als iemand bv na 10 minuten zijn partij voor DJC 4 remise heeft gemaakt, mag hij niet alsnog  invallen bij bv DJC-3

 

Vraag: de indeling in de 2e en 3e klasse LiSB is nogal raar en discutabel. Op het einde van het seizoen heeft niet iedereen dezelfde tegenstanders gehad.

Antwoord: In de 2e en 3e klasse zijn in alle klassen niet voldoende teams om volledig gevulde groepen van 8 teams te krijgen en een goede benadering voor dit probleem is van belang. Ik denk dat het goed is dat we met een kleinere commissie eens kijken hoe we dit probleem in de toekomst willen aanpakken. Het aantal teams in de 2e en 3e klasse loopt terug en bv 4 of 5 teams in de 3e klasse lijkt toch echt op of al beneden het minimum. Ik heb al een aantal discussies gehad en gepland om hier tot een werkbare situatie te komen.  Maar even terug naar de huidige situatie.  Klasse 3 heeft slechts 6 teams en dan is de keuze die ook vorig jaar al is gemaakt eigenlijk de enige logische keuze. Er worden eerst 5 ronden gespeeld waarbij elk team één keer tegen elkaar speelt. Hierna zijn er een aantal opties. Of je laat het hierbij, maar dat zou betekenen dat er maar 5 ronden extern gespeeld zouden worden. Als bestuur hebben we gekozen dat er eigenlijk minimaal 6 maar liefst 7 wedstrijden gespeeld zouden moeten worden. De keuze is gemaakt om de laatste twee ronden volgens een soort Zwitsers model in te vullen, waarbij teams die in de eerste 5 ronden 3 keer uit hebben gespeeld in ieder geval de 6e ronde thuis spelen. De indeling voor de 6e ronde is op basis van de stand na 5 ronden. Idem voor de indeling van de 7e ronde, die wordt uitgevoerd op basis van de stand na de 6e ronde.

In de 2e klasse is de situatie iets anders en waren er meer mogelijkheden. Ik zal de overige alternatieven een voor een aflopen

  1. In de huidige situatie hebben we 16 teams in de 1e klasse en 12 teams in de 2e klasse, We hadden ook voor een verdeling van 14 teams in de 1e klasse en 14 teams in de 2e klasse kunnen gaan. Dat zou betekenen dat we dan 4 poules van 7 teams hadden gehad. Echter, dat zou wel betekenen dat er elke ronde 4 teams een bye zouden hebben. Indeling technisch was dit het belangrijkste alternatief, maar als bestuur hebben we gekozen om zoveel mogelijk teams te laten spelen.
  2. We hadden ook de 12 teams in de 2e klasse kunnen verdelen over een poule van 8 teams en een poule van 4 teams. De poule met 4 teams zou dan een dubbele competitie spelen (in totaal dus 2*3=6 wedstrijden. Dit systeem is een aantal keren toegepast, maar veel teams vonden dit een zeer ongewenst scenario. Vooral als je ook nog eens twee teams van dezelfde vereniging in een poule hebt zitten, speel je te vaak tegen dezelfde tegenstander.
  3. De heer Tjoe Liong Kwee van de SV Maastricht heeft ooit eens een aardig alternatief voorgesteld. Deze indeling is bijzonder geschikt voor poules van 12 teams. Er worden eerst twee poules van 6 teams gespeeld. Vervolgens spelen de eerste 3 teams van poule A en B nog eens tegen elkaar (waarbij de gespeelde wedstrijden blijven staan en die teams niet opnieuw tegen elkaar spelen), dus dat betekent 3 extra wedstrijden. De onderste 3 teams van poule A en B doen het zelfde. Dit zou een extra ronde betekenen, maar dat is te overzien. Hoewel qou indeling erg fraai, heeft het systeem ook een aantal belangrijke problemen. Het belangrijkste probleem is eigenlijk dat het alleen werkt als je inderdaad 12 teams hebt. Mochten er bv onverhoopt 11 of 13 teams in de tweede klasse spelen, is dit systeem al bijna niet meer uitvoerbaar en moeten we weer naar een alternatief. In dit jaar was er na de eerste indeling mogelijk sprake dat een team zich nog zou terugtrekken en ook dat er nog een extra team toegevoegd zou kunnen worden. Dat zou dus hebben kunnen betekenen dat de gehele indeling opnieuw gedaan zou moeten worden met een nieuw systeem. Daarnaast betekent dit systeem ook dat ronde 6 en 7 altijd verre uitwedstrijden zijn. Ronde 8 zou dan de gezamenlijke eindronde zijn. Ook programeer technisch is dit systeem nogal lastig, maar daar zou mogelijk wel een mouw aan te passen zijn geweest.

 

Vraag: wordt er nu in alle klassen volgens het Fischer tempo gespeeld? Onze vereniging speelt het liefst volgens het klassieke tempo.

Antwoord: Een aantal jaren geleden is tijdens de ALV afgesproken om in elke sub-klasse te kijken wat de voorkeur van de verenigingen is, maar dat uiteindelijk maar volgens één tempo gespleed wordt in die betreffende klasse. Dus of Klassiek of Fischer (dat is met een tijdsincrement per zet). Je ziet dat de algehele tendens is dat steeds meer verengingen overgaan naar het Fischer tempo. Het grote voordeel van het Fischer tempo is dat echte tijdnood niet meer voorkomt (dus bv 10 zetten in 10 seconde) en de problemen voor een wedstrijdleider eigenlijk tot nul zijn gereduceerd. Ik begrijp echter ook dat het niet voor iedereen even gemakkelijk is om deze overstap te maken. Vooral in de 2e klasse B speelt deze wens nogal. Ik sta open om naar alternatieven te kijken, maar ik zie zelf niet een eenvoudige oplossing voor dit probleem. Als je zou zeggen dat alle Klassiek spelende teams in een klasse spelen wordt de indeling nog complexer dan bij de vorige vraag als ik besproken

 

Vraag: Wanneer dienen we de namen van de spelers voor de verschillende teams door te geven?

Antwoord: Vanaf vandaag kunnen de namen van de vaste teamspelers opgegeven worden. Dat kan via netstand. Voor vrijdag 11 oktober moeten alle namen binnen zijn!

 

Laatst aangepast op zondag, 30 september 2018 10:13

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat alle vereiste gegevens ingevuld zijn, aangeduid met een asterisk (*). HTML code is niet toegestaan.

Zoeken

Aankomende activiteiten

Ga naar boven